Tweede Kamer en toezichthouders zetten rem op ‘gluurbril’
Een voorbijganger op straat draagt een schijnbaar doodnormale bril: geen opvallende lens, geen smartphone die zichtbaar omhoog wordt gericht en geen waarschuwing vooraf. Achter het alledaagse montuur gaan echter miniatuurcamera’s, gevoelige microfoons en kunstmatige intelligentie schuil. De drager kijkt naar iemand en legt diegene gelijktijdig vast. Met de opkomst van deze zogeheten slimme brillen vervaagt de grens tussen gewoon om je heen kijken en heimelijke surveillance.
De maatschappelijke bezorgdheid hierover heeft inmiddels de Haagse politiek bereikt. De Tweede Kamer heeft een motie aangenomen die het kabinet oproept om de mogelijkheden voor een verdergaand verbod op ‘gluurbrillen’ te verkennen. Samen met de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) moet de regering onderzoeken welke juridische instrumenten ingezet kunnen worden, waarbij expliciet rekening wordt gehouden met uitzonderingen voor noodzakelijk medisch gebruik. Dit wetgevingsadvies wordt in het eerste kwartaal van 2027 aan het parlement verwacht.
Bestaande kaders versus onzichtbare techniek
De discussie legt een fundamentele handhavingskloof bloot. Volgens het kabinet biedt het vigerende recht—waaronder de AVG, het portretrecht, het burgerlijk recht en het Wetboek van Strafrecht—op papier al forse waarborgen tegen heimelijke opnames. Het knelpunt zit in de praktijk: regels worden nauwelijks nageleefd omdat de apparatuur nauwelijks als opnameapparatuur herkenbaar is. Waar een smartphone direct signaleert dat iemand filmt, oogt een camerabril als een gewoon accessoire.
De Autoriteit Persoonsgegevens benadrukt dat het zonder toestemming vastleggen, volgen of openbaar maken van herkenbare personen via dergelijke wearables onrechtmatig is. De toezichthouder onderzoekt inmiddels zelf verdergaande handhavingsstappen tegen camera-uitgeruste wearables.
Tegelijkertijd escaleert de juridische strijd rondom de slimme brillen van techreus Meta. Uit onderzoek van de Consumentenbond blijkt dat het ledlampje dat opnames signaleert in de praktijk nauwelijks opvalt en eenvoudig kan worden afgeplakt zonder de functionaliteit te hinderen. Daarnaast worden beelden bij specifieke AI-functies direct via Meta-servers verwerkt. De Consumentenbond heeft Meta gesommeerd het ontwerp aan te passen en bereidt samen met belangenorganisaties Offlimits en The Firewall juridische stappen voor om de verkoop stil te leggen, mede na signalen van burgers die ongewild zijn geregistreerd.
Een nieuwe grens voor de publieke ruimte
De controverse reikt verder dan individuele hardwarefabrikanten; zij raakt de fundamenten van de openbare orde en privacy. Wanneer opnameapparatuur onzichtbaar opgaat in het straatbeeld, verliest de burger de regie over het eigen beeld. Kwetsbare situaties—zoals spelende kinderen op schoolpleinen, patiënten in ziekenhuizen, winkelend publiek of vertrouwelijke gesprekken in de horeca—worden vatbaar voor continue registratie.
Bovendien introduceert kunstmatige intelligentie een nieuw risiconiveau: beelden worden niet enkel opgeslagen, maar kunnen direct worden geanalyseerd, vergeleken met databases en gekoppeld aan gezichtsherkenning. Daarmee verschuift het privacyvraagstuk van een individuele verantwoordelijkheid naar een collectieve maatschappelijke plicht. De aangenomen motie markeert een eerste beleidsmatige stap, maar de wetgever staat voor de immense uitdaging om technologische versnelling tijdig van effectieve grenzen te voorzien.






0 Comments